Fundamentele luiheid
Ik ben lui. Fundamenteel lui. Echt. FUNDAMENTEEL. Dat is erg. Maar wat nog veel erger is: ik wéét het. Ik wéét dat ik fundamenteel lui ben. In principe zou ik er dus wat aan kunnen doen. Maar ik doe het niet. Omdat ik fundamenteel lui ben.
Natuurlijk schaam ik me ervoor. Natuurlijk voel ik me schuldig. Maar nooit op het moment zelf. Ik zeg wel tegen mezelf: komaan, doe nu eens wat. Doe je boeken open of schrijf die paper. Het lukt nooit. NOOIT! En die zeldzame keer dat het wel lukt, heb ik mijn boek na een half uur alweer dicht. Met op die ene pagina vijf gekke mannetjes. Getekend. Daar ben ik best trots op. Het bewijs dat ik vandaag iets nuttigs heb gedaan!
Maar ik houd mezelf voor de gek. Ik doe de godganse dag niets. Echt niets. Of toch. Ik slaap. En als ik niet slaap, lig ik gewoon in mijn bed. Zachtjes wegdromen. Ik noem het soezen. Soezen is fijn. Binnen twintig jaar staat het woord 'soezen' met mijn betekenis in het woordenboek. Dat is dan het bewijs van mijn bestaan geweest. Maar in afwachting van mijn glorie doe ik dus lekker niets. Of toch. Ik eet. Geen gezonde dingen. 't Is niet dat ik tijd heb om naar De Brug te gaan of om zelf te koken, ik heb wel wat beters te doen. Een bokaal spaghetti. Opwarmen in de microgolf. En ik heb er nog een worteltje bijgedaan! Uit blik. Wat ben ik lekker inventief.
Voor de rest zit ik gewoon achter mijn laptop. De hele godvergeten dag een boerderijspel te spelen. Of een veroveringsspel waarbij je steden uit de Griekse oudheid moet veroveren. Je hoeft er maar vijf minuten per dag mee bezig te zijn. Ik zit er constant op te staren. Dan erger ik me aan het feit dat de tijd niet snel genoeg gaat.
Gelukkig is er nog Battlestar Galactica! Jawel. De hele serie: vier seizoenen. Allemaal bekijk ik ze. Na elkaar. Spannend. Ok, ik geef het toe: ik heb geen leven. Maar wat moet ik anders doen? Lieve help! Welke datum zijn we vandaag? Die paper moet af! Dringend! Morgen is de deadline! Ik weet het, ik wist het al sinds februari. Natuurlijk had ik er dus eerder aan kunnen beginnen, vertel mij wat. Maar zeuren heeft geen zin, het moet nu eenmaal af. Het MOET! Ik zwoeg, ik werk, ik kijk op de klok. Gelukkig presteer ik geweldig onder druk. En twee minuten voor de tijd verstreken is, dien ik in. Oef.
Lieve help! Welke datum zijn we vandaag? Ik moet blokken! Dringend! Binnen twee weken beginnen de examens! Ik verslind pagina na pagina. Buiten schijnt de zon en is het lekker warm. Dat is niet eerlijk. Maar toch doe ik verder. Twaalf uur per dag! Pagina na pagina. Ik slaap niet, ik eet niet. Ik blok. De stukken vliegen er bijna vanaf. Dan erger ik me dat de tijd te snel gaat. En ik verwens mijn vijf gekke mannetjes. Ik blok, ik blok. En... Ik slaag. Voor elk vak. "Volgend semester begin ik er veel vroeger aan! Echt! Ik zweer het!" lieg ik tegen mezelf. Want zoals elke goeie student, heb ik na die twee maanden hel, vijf heerlijke maanden vakantie verdiend. Want ik ben het en zal het ook altijd blijven: fundamenteel lui. En daar kom ik gelukkig ook weg mee.
Posts tonen met het label column. Alle posts tonen
Posts tonen met het label column. Alle posts tonen
zondag 5 september 2010
vrijdag 29 juni 2007
Column!
Omdat de Plantkrant uitgegeven is, is het tijd om mijn gepubliceerde column ook eens op mijn blog vrij te geven. Jullie hebben lang genoeg gewacht! (Voor wie het nog niet vergeten was...)
Maar eerst, mijn puntjes!
Roffel, roffel, trommel, rompom...
Op mijn rapportje behaalde ik maar liefst 80 procentjes! (jaartotaal ook 80) Jaja, das precies waar ik op gegokt en op gehoopt had! Mijn harde werk heeft resultaat opgeleverd. Een mooie vakantie (hopelijk!) staat te wachten.
Jammergenoeg kan ik hier nog steeds geen kolommen maken, maar zo lukt het ook. :)
Veel leesplezier!
De hel van de 100 dagen
Vrijdag 16 februari was het weer zover: 100 dagen. De schrik van alle eerstejaars, het topmoment van de hele humaniora voor de zesdes.
Mij kon het niet veel schelen, ik had het goede voornemen niet zo jaloers te zijn als andere jaren en ik had andere dingen om aan te denken, bij deze, sb fysica. Dus alsof alles wel goed zal aflopen ga ik naar school, kalm en rustig, tot op het moment dat ik het opmerk: het monster van kleur…
Ik slik, een krop zet zich op in mijn keel en maag en ik moet mijn best doen om niet te gaan hyperventileren. Ik wrijf nog even mijn ogen uit om zeker te zijn dat ik gedroomd heb, maar het is echt. Zeker 100 000 zesdejaars staan op de hoek van de Maloulaan enig slachtoffer op te wachten! En daar moest ik door. Ik die sb fysica had, ik die mijn mooiste kleren aangetrokken had.
Het had geen zin om daar stokstijf te blijven staan en niets te ondernemen. Ik zou vechten, strijden tot mijn laatste snik! Ik stap door alsof mijn neus bloedt: verschrikt en grijpend naar een zakdoek. Een flits. Een uithaal. Ik ren.
Ze laten me met rust, oef. Nu nog de andere kant van de straat. Opnieuw een flits, ik ren en ren de ziel uit mijn lijf, ik ren en ren… Een arm, ze hebben me.Om te vermijden dat ze me veranderen in een clown, gooi ik me op de grond en draai me in een bolletje. Na 30 seconden die wel een uur leken, gaven ze het op. Trots als ik was omdat ik mezelf zo dapper verweerd had, hinkte ik de schoolpoort binnen. Het was voorbij… De schade: Een oude rekenmachine van mijn pa stuk, een oorring kwijt, kleur en stank. Vooral stank. De geur van ketchup en scheerschuim. De geur van 100 dagen. Ja, een echte schande die 100 dagen. Uitgeteld maar niet zonder trots dat ik het overleefd had, doorleefde ik mijn dag. Het naar huis gaan was als een smokkelaar die voortdurend over zijn schouder keek uit schrik voor politie. En dat moet dan de belangrijkste dag zijn in een leerling zijn humaniora, zeggen velen: andere mensen lastigvallen.
Maar ach, ik ben het positief gaan bekijken en heb een schitterend plan uitgewerkt: gun die jongens hun plezier. Geef die jongens veet, confituur en honing. Geef die gasten cola en chocoladesaus. Laat ze knoeien met ketchup en bloem. Laat die confetti vloeien en de zwijnenstiften kleuren! Het is onze taak, leerkrachten en leerlingen van het 1e tot het 5e jaar! Het is onze taak ons lot te ondergaan. Laten wij deze mensen hun een fantastische 100 dagen geven door het spelletje mee te spelen. Zie er de voordelen van in! Denk aan de supergezellige sfeer aan de afwasbak. Aan de resten ketchup die in je haar blijven plakken. Denk aan de lessen die je zult missen. Denk aan de spannende verhalen van je moedige optredens en reddingsacties die je aan al je klasgenoten kunt vertellen, waarop je terstond gehuldigd wordt. En vooral, wees jaloers op de zesdejaars! Leef mee met je lotgenoten en medegekleurden.
Ook ik begin de dagen af te tellen tot het mijn beurt is. Ik begin al de rondjes uit mijn perforator te sparen, ik zoek al boeren bij wie ik mijn rotte eieren kan bestellen, ik denk al na over een slogan. Mensen die jonger zijn dan ik, beware je en trek je harnas aan wanneer ik de 100 vier, maar toch, vervul trouw je plicht als ik je in de gaten heb en denk dan nog heel even terug aan wat je hier nu gelezen hebt.
Petra
Maar eerst, mijn puntjes!
Roffel, roffel, trommel, rompom...
Op mijn rapportje behaalde ik maar liefst 80 procentjes! (jaartotaal ook 80) Jaja, das precies waar ik op gegokt en op gehoopt had! Mijn harde werk heeft resultaat opgeleverd. Een mooie vakantie (hopelijk!) staat te wachten.
Jammergenoeg kan ik hier nog steeds geen kolommen maken, maar zo lukt het ook. :)
Veel leesplezier!
De hel van de 100 dagen
Vrijdag 16 februari was het weer zover: 100 dagen. De schrik van alle eerstejaars, het topmoment van de hele humaniora voor de zesdes.
Mij kon het niet veel schelen, ik had het goede voornemen niet zo jaloers te zijn als andere jaren en ik had andere dingen om aan te denken, bij deze, sb fysica. Dus alsof alles wel goed zal aflopen ga ik naar school, kalm en rustig, tot op het moment dat ik het opmerk: het monster van kleur…
Ik slik, een krop zet zich op in mijn keel en maag en ik moet mijn best doen om niet te gaan hyperventileren. Ik wrijf nog even mijn ogen uit om zeker te zijn dat ik gedroomd heb, maar het is echt. Zeker 100 000 zesdejaars staan op de hoek van de Maloulaan enig slachtoffer op te wachten! En daar moest ik door. Ik die sb fysica had, ik die mijn mooiste kleren aangetrokken had.
Het had geen zin om daar stokstijf te blijven staan en niets te ondernemen. Ik zou vechten, strijden tot mijn laatste snik! Ik stap door alsof mijn neus bloedt: verschrikt en grijpend naar een zakdoek. Een flits. Een uithaal. Ik ren.
Ze laten me met rust, oef. Nu nog de andere kant van de straat. Opnieuw een flits, ik ren en ren de ziel uit mijn lijf, ik ren en ren… Een arm, ze hebben me.Om te vermijden dat ze me veranderen in een clown, gooi ik me op de grond en draai me in een bolletje. Na 30 seconden die wel een uur leken, gaven ze het op. Trots als ik was omdat ik mezelf zo dapper verweerd had, hinkte ik de schoolpoort binnen. Het was voorbij… De schade: Een oude rekenmachine van mijn pa stuk, een oorring kwijt, kleur en stank. Vooral stank. De geur van ketchup en scheerschuim. De geur van 100 dagen. Ja, een echte schande die 100 dagen. Uitgeteld maar niet zonder trots dat ik het overleefd had, doorleefde ik mijn dag. Het naar huis gaan was als een smokkelaar die voortdurend over zijn schouder keek uit schrik voor politie. En dat moet dan de belangrijkste dag zijn in een leerling zijn humaniora, zeggen velen: andere mensen lastigvallen.
Maar ach, ik ben het positief gaan bekijken en heb een schitterend plan uitgewerkt: gun die jongens hun plezier. Geef die jongens veet, confituur en honing. Geef die gasten cola en chocoladesaus. Laat ze knoeien met ketchup en bloem. Laat die confetti vloeien en de zwijnenstiften kleuren! Het is onze taak, leerkrachten en leerlingen van het 1e tot het 5e jaar! Het is onze taak ons lot te ondergaan. Laten wij deze mensen hun een fantastische 100 dagen geven door het spelletje mee te spelen. Zie er de voordelen van in! Denk aan de supergezellige sfeer aan de afwasbak. Aan de resten ketchup die in je haar blijven plakken. Denk aan de lessen die je zult missen. Denk aan de spannende verhalen van je moedige optredens en reddingsacties die je aan al je klasgenoten kunt vertellen, waarop je terstond gehuldigd wordt. En vooral, wees jaloers op de zesdejaars! Leef mee met je lotgenoten en medegekleurden.
Ook ik begin de dagen af te tellen tot het mijn beurt is. Ik begin al de rondjes uit mijn perforator te sparen, ik zoek al boeren bij wie ik mijn rotte eieren kan bestellen, ik denk al na over een slogan. Mensen die jonger zijn dan ik, beware je en trek je harnas aan wanneer ik de 100 vier, maar toch, vervul trouw je plicht als ik je in de gaten heb en denk dan nog heel even terug aan wat je hier nu gelezen hebt.
Petra
Labels:
column,
trots,
welkom aan alle (zieke) geesten,
zaalig
Abonneren op:
Posts (Atom)